Energietransitie helpen vormgeven

17-12-2019 IRO Nieuws

Energietransitie helpen vormgeven

Tjerk Suurenbroek is Business Development Manager bij de IRO en vertelt hoe deze organisatie de industrie helpt bij het vormgeven van de energietransitie.
“De belangrijkste functie van de IRO is het verbinden van mensen, bedrijven, technologieën, nieuwe ideeën, innovaties. Het gaat om kruisbestuiving, subsidietrajecten, netwerken en netwerkgelegenheid bieden aan bedrijven om handelsbevordering en de export op de kaart te zetten. We hebben daarin een coördinerende en begeleidende rol. De IRO bestaat sinds 1971. Meer dan 400 bedrijven zijn lid van onze organisatie. We komen uit de offshore Olie- en Gasindustrie. Dat geldt ook voor onze leden.”

Andere vormen van energie
Tjerk vertelt dat de IRO al begin deze eeuw is begonnen met andere vormen van energie onder de aandacht te brengen en te promoten bij de achterban, zoals offshore wind. “Dat is ook onze rol. Je ziet in de laatste jaren dat er een verschuiving plaatsvindt naar hernieuwbare energie. We brengen ook bepaalde thema’s bij hen onder de aandacht waardoor ze geïnteresseerd raken en kansen zien. Ook wij zien kansen en delen ze met onze achterban om de export te bevorderen. We zetten dus stappen naar nieuwe vormen van energie. Dat moet ook wel door het klimaatakkoord dat in 2015 wereldwijd is afgesloten.”

Olie en gas zijn nog steeds belangrijk
“Negentig procent van de wereldconsumptie en de wereldproductie is nog steeds olie en gas,” zegt Tjerk. “Olie en gas zijn nog steeds ontzettend belangrijk. Maar dat gaat aanzienlijk minder worden. Wij moeten met onze achterban meebewegen naar andere vormen van energie. Denk aan offshore wind, activiteiten die met marine energy te maken hebben zoals wave, tidal, otec (ocean thermal energy conversion). En nog andere vormen van elektriciteit opwekking uit water. Onze planeet bestaat voor 75% uit water. Er zijn veel innovaties om energie op te wekken met water. Aqua cultuur brengt nieuwe uitdagingen met zich mee. Hoe ga je bijvoorbeeld om met bepaalde onderwater problemen, hoe ga je om met het milieu, waar kunnen we welke vormen van aqua cultuur in offshore windparken inbedden. De Noordzee is een bron van energie waar je eigenlijk veel meer mee zou moeten doen. Binnen het hele spectrum van energietransitie richten we ons voornamelijk op het brede speelveld. Alle ontwikkelingen die je nu ziet in de nieuwe vormen van energie komen voort uit de kennis en kunde die we opgedaan hebben in de Offshore olie en gas gedurende de laatste 50 jaar. Daar profiteren we nu van.”

Tjerk geeft aan dat het belangrijk is om met bedrijven en overheden in het buitenland in gesprek te zijn over de energietransitie in de breedste zin. “Daarmee profileren we ons. We willen laten zien dat we veel ambities hebben. We noemen dat ‘embracing the energy transition’. We kijken daarbij waar we vandaan komen, wat de Olie- en Gaswereld ons heeft opgeleverd, waar we nu staan en waar we naartoe willen. We lopen voorop in onze manier van denken en de aanpak van de problematiek. Kijk naar de ontwikkeling van waterstof, de elektrificatie van platforms, het opslaan van CO2 in lege gasvelden. Het staat allemaal nog in de kinderschoenen maar we zijn er wel druk mee bezig. Een ander voorbeeld is het ontmantelen van Olie- en Gasplatforms op een duurzame manier waarbij je ook kan denken aan hergebruik van infrastructuur, kabels, leidingen, nieuwe doeleinden.”

Toekomstvisie
“Onze toekomstvisie is dat wij hard meewerken met de offshore & maritieme industrie aan het bereiken van de klimaatdoelen van Parijs. Er is veel gaande. Dat zie je op allerlei fronten want innovaties rijzen de pan uit. Maar de industrie heeft wel een duidelijke richting nodig om hun investeringen daarop te kunnen afstemmen.”

Het wiel niet opnieuw uitvinden
Tjerk vertelt dat je de veiligheidsnormen van de Olie- en Gasindustrie kan toepassen op nieuwe industrieën. “Je hoeft het wiel niet opnieuw uit te vinden. Sterker nog het is logisch om te veronderstellen dat je eenzelfde soort veiligheidsnorm wil hanteren binnen die andere vormen van energie want daar speelt precies hetzelfde als bij de Olie- en Gasindustrie. Het zou vreemd zijn als je voor projecten op zee ineens andere veiligheidsnormen gaat hanteren. Of in ieder geval niet minder strak. Je ziet bij diverse partijen die op beide fronten actief zijn dat ze het logisch vinden dat die veiligheidsnormen vergelijkbaar zijn. De IRO onderstreept het belang ervan en ook de harmonisatie van regels zodat iedereen dezelfde normen hanteert.”

De IRO is proactief in het signaleren van nieuwe mogelijkheden van nieuwe vormen van energie. Tjerk geeft een voorbeeld: “Geothermie is een ontwikkeling die nog in de kinderschoenen staat maar die wel een bijdrage kan leveren aan onze vraag naar nieuwe energie. Geothermie heeft met boren te maken, met allerlei technieken die zich onder het aardoppervlak bevinden. Boren is natuurlijk een van de dingen die onze achterban heel goed kan en alles wat daarmee te maken heeft. We organiseren een bijeenkomst voor onze achterban over geothermie. We laten zien dat dit best wel interessant voor hen zou kunnen zijn om je daarin te verdiepen en vervolgens te kijken of je wil investeren in bepaalde projecten. We kijken naar thema’s die een logisch verlengstuk zijn van de activiteiten die op zee plaatsvinden. We proberen dus zoveel mogelijk dingen te signaleren waarbij we de achterban geïnteresseerd kunnen krijgen.”

Bron: HSElife Worldmagazine #26